Delen     Populaire blogs     Volgende blog »
Blog maken     Inloggen
_
Cookies op 50plusser.nl

50plusser maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. 50plusser gebruikt functionele en analytische cookies om u een optimale bezoekerservaring te bieden. Bovendien plaatsen derde partijen tracking cookies om u gepersonaliseerde advertenties te tonen en om buiten de website van 50plusser relevante aanbiedingen van 50plusser te doen. Ook worden er tracking cookies geplaatst door social media-netwerken.
Door op Akkoord te klikken gaat u hiermee akkoord.

Akkoord
 
Geen cookies


Klik hier voor meer informatie.
Sorong 1961-1962 Louis van Diessen
Herinneringen aan mijn diensttijd bij de Alpha-compagnie op Sorong.
_
Home__Weblog__Prikbord__Fotoblog__Foto's__Links__Gastenboek__Vrienden__Zoeken__Tip__Login
_

Welkom op mijn Weblog


2022



Mijn Profiel

louisvanDiessen
Ik ben nu offline

• Mijn profiel
• Privé bericht sturen
• Als vriend toevoegen

Toevoegen als weblog vriend



Zoeken in Google
_



Categorieën Overzicht




Laatste Weblog artikelen

Zelfbeschikkingsrecht
18 juni 2022 08:12

; Een nieuwe lente
11 juni 2022 11:39


Tempo doeloe voorbij
22 februari 2022 09:56

Er is nog niets veranderd sind...
11 oktober 2021 11:03




Fotoboeken


Reünie 2011 (36)
_
De Asmat stam (73)
_

Van alles wat bloot en gekleed (61)
_
Begrafenis van Victor Pouw en Leo Phijl 17-06-1962 (25)
_

2009 (25)
_
dat waren wij (163)
_



Weblog Vrienden


Nog geen weblog vrienden toegevoegd.



Gastenboek berichten

Ab Kinder
12 december 2021 17:24
_
Slmt malam Tuan Diessen, Ik heb zitten genieten van uw verhalen die zich afspeelde in Sorong. Vooral de verhalen waarin de Papuase politie naar voren kwam.In het bijzonder over de hoofdagent Carli en een familie lid van Nasoetion. Deze verhaal werd thuis door mijn vader verteld.Hij was 1 van de Papuase politieagenten uit Sorong.Ik ben met mijn ouders naar Nederland gekomen op 4 jarige leeftijd.Zaten met 4 gezinnen tussen de militairen die terugkeerden.Vlucht ging via Biak/Alska/Schiphol.Op 23/10-1962 kwamen hier aan.

Arie van Den Dool voorm. sld 1 NAPO Veldpost 6 Inf Bat Sorong Remu
14 juli 2021 11:05
_
Louis, ik ben het van harte eens met je recentelijke uitingen in de pers. Nu we er nog zijn, is het hoogste tijd dat we het van de daken schreeuwen: De Nederlandse regering heeft in 1962 willens en wetens de papua-bevolking voor de gek gehouden en uitgeleverd aan Indonesië, aan een voor hen vreemd volk, dat nu al vijftig jaar de allochtone bevolking onderdrukt. Wij, Nieuw-Guinea veteranen, schamen ons nog altijd diep voor deze tragedie, omdat de papua-bevolking vertrouwen had in de Nederlandse bevolking waar het ging om ontwikkeling van de mensen, van het land en uitzicht op zelfbestuur. Inmiddels is het overwegend christelijke papuavolk (geschat 700.000 zielen) een minderheid in eigen land en is de overheersing van bijna 2 miljoen Indonesische moslim migranten een feit. Indonesië onderdrukt de bevolking al bijna 60 jaar, met als gevolg tienduizenden doden en put het land uit door ongebreidelde exploitatie van mijnbouw en hout-kap. De autochtone bevolking heeft geen zeggenschap over het eigen gebied. Waarom schaamt Nederland (als staat) zich niet? Waarom doet de Nederlandse regering al een halve eeuw niets voor de papua-bevolking? Waarom beschouwt Nederland het onderdrukkende regime en daarmee de staat Indonesië als een bevriende natie? Antwoorden blijven uit. De politici kennen de feiten niet, of hebben geen geweten. Onze koning bood in 2020 zelfs excuses aan voor ons handelen in onze voormalige kolonie. Van de republiek Indonesië wordt geen verantwoording gevraagd. Wanneer biedt onze koning en onze regering excuses aan, aan de Papua natie? Mijn email: arie.vandendoo l@ziggo.nl

Roderick
20 mei 2019 21:24
_
Correctie: het moet zijn ARNHEMSE PLEIN 3, AMERSFOORT. (dus niet "Amersfoortse Plein")




Watskeburt Op 50plusser.nl

Door Pam43 om 19:02
_
Pam43 Online

Door ramapi om 18:54
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door ramapi om 18:53
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door ramapi om 18:52
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door ramapi om 18:48
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door janny1947 om 18:45
_
Janny1947 Online

Door ramapi om 18:44
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door NicolaasP om 18:44
_
NicolaasP Online





_

Andere artikelen



ONS PELOTON IN ACTIE DEEL 2 A


Op weg naar Teminaboean

In mei 1962 werden we geconfronteerd met een groot aantal Indonesische parachutisten die neer kwamen in de omgeving van Teminaboean, door de ervaringen van de oudere lichtingen met eerdere acties ging het vrij soepel met het opsporen van de ploppers.


Ons peloton,het eerste peloton van de Acie,was al redelijk ervaren in het actie voeren tegen Indonesische infiltranten,ploppers, genaamd.

De laatste acties van ons van de1e peloton der Koninklijke Landmacht Alphacompagnie uit het 6e infanteriebataljon Oranje Gelderland waren gelijk de hevigste.

Het begin in Mei 1962.

We moesten naar Teminaboean ,dat lag op een ander locatie van De Vogelkop,ter bescherming van de inwoners van deze plaats. Weer een nieuwtje voor ons,in deze plaats waren we nog nooit geweest. Vol verwachting keken we uit naar de kennismaking met het dorp en de inwoners.

We werden met een marine vaartuig via de kali Kaiboes naar ons doel gebracht.

Bij aankomst stond er aan de kade een groot aantal enthousiaste Papoea's en Nederlandse inwoners die ons al een warm gevoel van welkom gaven. Immers de toon van Soekarno werd steeds dreigender en je kon maar beter paraat zijn en zorgen dat je overal op voorbereid was.

Een groot aantal van ons was al eens in contact geweest met ploppers en deze gevangen genomen of gedood. Dus ervaring genoeg en dat gaf toch een goed gevoel bij de anderen van ons peloton.

Eigenlijk hadden we al weer terug in Nederland moeten zijn maar de repat was opgeschort en vanaf lichting 60/4 mocht niemand meer naar huis. Later bleek dat ik 6 maanden langer heb moeten dienen.

Als huisvesting kregen we enkele woningen tot onze beschikking en gingen we ons installeren.

Als eerste gingen we koelkast vullen met Heineken en Bokma. De korporaals kregen diverse taken toegewezen voor mij was de barfunctie beschikbaar,een ideale job, gelukkig mocht ik een hulp aanwijzen zodat ik ook wel eens avond vrij had.

Aanvankelijk hadden we daar een luizenleventje,maar daar kwam spoedig een einde aan.

Het was half Mei midden in de nacht toen er alarm geslagen werd omdat de wacht een vliegtuig hoorde wat niet gemeld was. Een Neptune kon het niet zijn maar was was het dan wel? Gespannen wachten we af wat er zou kunnen gebeuren. Tegen de morgen kwamen de Papoea's melden dat er parachutisten geland waren bij Wersar.

We moesten dus onverwacht uitrukken maar we waren er klaar voor. Wersar was alleen te bereiken door twee kali,s over te steken daarom duurde het even voor we in die kampong waren. Het was een zware tocht door de jungle en over en door die kali,s.

In die kampong kwamen we opeens tegenover een plopper te staan,je wist niet wie het meest verrast was . Onze PS Hagemijer loste een schot en de plopper werd getroffen, maar niet ernstig. We droegen de gevangene ,wat een hospik bleek te zijn,over aan de politie en gingen verder de kampong in.

De bevolking was voor een deel gevlucht, de kapella kampong wees ons waar de paras vescholen waren. We gingen een vuurgevecht aan met die paras ,twee werden er gewond , een werd er gedood en we maakten er ook nog enkele gevangen. We gingen gelukkig met een boot terug naar Teminaboean waar de gewonde gevangene verzorgd zouden worden door onze medische dienst.

Op de kade stond een juichende menigte Papoea,s en ook andere inwoners van het dorp toonden hun interesse en waardering voor ons , we werden hartelijk toegezongen toen we aanmeerden en blijkbaar zagen we er vermoeid uit want een van de Nederlandse inwoners zei tegen Piet van de Berg, je ziet er tien jaar ouder uit als gisteren.

Het lijkt hier zo gemakkelijk als je dit leest maar het is werkelijk een hel als je door dit oerbos op jacht moet naar de vijand. Glibberige tjots op en af,door kali,s met verraderlijke gladde stenen,muskieten die je overal steken,bloedzuigers in je nek,soms je een pad kappen met de parang,scherpe bladeren die je kunnen verwonden en onder tussen op je qui vive zijn dat er geen ploppers verscholen zijn.

De dag erop kregen we versterking van een aantal mariniers en leden van het Papoea vrijwilligerskorps. Het commando werd overgenomen door majoor der mariniers Romijn ,de hoogste in rang,en zo werkten we soms samen met de mariniers maar meestal gingen we afzonderlijk.

Het was jammer dat de mariniers baroe,s waren die pas een paar weken in Nederlands Nieuw Guinea waren en geen enkele praktijkervaring hadden met het vechten in het oerbos.

Dat moesten ze hier leren in tegenstelling tot onze sobats van oudere lichtingen die al verschillende levensbedreigende acties succesvol uitgevoerd hadden.

Maar we hebben die jongelingen van de mariniers als het ware aan de hand meegenomen en proberen gerust te stellen maar ze toonden zich erg onwennig en nogal schrikachtig, dat is geen schande maar heel normaal voor baroe,s.

Die onervarenheid was er ook bij de leiding en dat heeft ons later in een gevaarlijke situatie gebracht maar dat komt nog verder in dit verhaal.

Verder hadden we weinig omgang met die mariniers,ze sliepen in een ander gebouw als het onze, en omdat ik ook de taak van kapper had kwam er wel af en toe een naar me toe om zich te laten knippen, wat natuurlijk ook netjes gebeurde.

En als we terug kwamen van een actie had we onze tijd hard nodig voor onze persoonlijke verzorging, het onderhoud van ons wapen ,het wassen van de kleding enz.

Bovendien waren we nogal moe van het tjotje op en tjotje af ,op zoek en op jacht naar de ploppers.

De periode in het basiskamp duurde nooit lang.

Wat ik me ook nog herinner was dat we de melding kregen dat er een groep ploppers bij Koa zat. Dat was een kampong gelegen aan een kali zoals zo vaak, maar de ploppers zaten aan de overkant en als we die overstaken was het prijsschieten voor de paras. Dat deden we dus maar niet.

In sergeant Hagemijer hadden we een uitstekende leider en de luitenant steunde volledig op deze sergeant.

Hagemijer sprak met de kapella kampong en het plan ontstond om de ploppers van de overkant in een prauw te lokken, met het voorwendsel dat ze in de kampong te eten zouden krijgen. Ze hadden steeds een chronisch gebrek aan voedsel. Twee Papoea,s zouden de ploppers naar ons toe peddelen en op een sein overboord springen waarop wij het vuur zouden openen op de prauw met Indonesiërs.

Het plannetje lukte, de ploppers gingen mee in de prauw op het afgesproken sein sprongen de twee peddelaars overboord en wij schoten de paras de prauw uit, ik geloof dat het er 8 waren, ze hadden geen schijn van kans maar toch schijnt er 1 ontsnapt te zijn zeker weten doe ik het niet.

De lijken uit de kali halen deden we op advies van de kapella kampong maar niet, er bleken veel krokodillen in die kali te zitten. Ons peloton heeft de nacht in de kampong doorgebracht, de andere dag dreven er in de kali aangevreten lijken, buaya makan zeiden de Papoea,s en later hing er een penetrante lijkengeur in die kampong die nog jaren in je neus blijft hangen. Steeds als ik rottend vlees of zo iets ruik komt de herinnering aan de kali met lijken weer terug.

Zo hadden we bijna dagelijks wel een succes en dat ruimde mooi op en tot nog toe zonder doden of gewonden aan onze kant. Ieder zorgde goed voor zijn wapen, want daar moesten we op kunnen vertrouwen, we maakten het regelmatig schoon en zorgden dat alles goed werkte en waar nodig ging er een drupje olie op. Ook de magazijnen werden bijgehouden en verzorgd.

Opeens liepen we in een hinderlaag !

Het was op een pad tussen twee tjots in waar we totaal onverwacht onder vuur werden genomen. Dadelijk gingen we in dekking waar het mogelijk was, maar onze sergeant Hagemeijer en soldaat1 Jaap Bood werden getroffen. De sergeant in de kuit en Jaap Bood in zijn dijbeen.

Jan van de Akker stond vlak bij Jaap Bood en zag een plopper wegduiken,Jan er op af maar toen hij bij de plopper kwam lag deze op de grond en keek Jan smekend aan, Jan kon geen weerloze mens doodschieten maar stond ook een Papoea in de buurt en Jan schreeuwde iets in het Maleis tegen de Papoea. De Papoea begreep hem verkeerd en sloeg met een klap met zijn korte klewang het hoofd van de plopper eraf.

Raar gezicht dat altijd in je herinnering blijft.

Jan verzorgde alvast Jaap en maakte van een jas een soort draagbaar waarmee hij vervoerd kon worden. En hielp onder vuur mee om Jaap naar een veilige plaats te brengen.

Medailles zijn hier nooit voor gegeven Jan zelf heeft hier nooit aan gedacht ,maar een onderscheiding kan alleen op aanbeveling van de commandant en die luitenant van ons vond dit niet nodig schijnbaar

Deze luitenant zorgde wel voor een hachelijk ogenblik, hij gooide een handgranaat de heuvel op, en dat ding rolde net zo hard terug.

We moesten rennen voor ons leven maar gelukkig werd er niemand door gewond. Wel wat dom van die luitenant maar ik zie het maar als een beetje paniek, immers zijn steunpilaar Hagemeijer was gewond afgevoerd.

Wat frappant is, niemand van ons peloton heeft een foto van die luitenant, van de anderen zoals v Bracht en de Leeuw wel maar van deze niet. Het was ook niet zo,n aimabele man.

Cor Jongejan was een bijzondere geluksvogel,hij had bloed aan zijn gezicht en dat had hij zelf nog niet gezien. We vroegen of hij gewond was en hij zag dat hij een schot op borst had gekregen ,in zijn borstzak zat zijn shagdoos met een Imco aansteker erin de kogel is op die aansteker afgeketst en een schampwond op zijn kaak veroorzaakt.

Die shagdoos en aansteker heeft hij nog (zie foto).

Cor is dus nog in leven dank zij de doos van de Weduwe van Nelle. In linie gingen we hevig schietend de tjot op en het lukte ons om een aantal buiten gevecht te stellen en de rest gaf zich over.

We hoorden nog een schot ,er bleek nog een para in een boom te zitten maar een riedel met de bren schoot hem uit die boom en hij plofte voor ons neer.

De doden moesten met een bootje afgevoerd worden dat vlak bij in een van de talrijke kali,s lag. Een voorval vergeet ik nooit meer en soms heb ik er wel eens nachtmerries van, we moesten die dode ploppers naar het bootje dragen, en tijdens dat dragen sloeg een dode Indonesiër steeds met zijn zwaaiende arm tegen mijn been, ik was toen 20 jaar maar ik voel het nu nog af en toe. Misschien wel raar van me maar het is nu eenmaal zo.

Tijdens deze actie had ik ontzettende last van buikloop en moest steeds langs de kant uit de broek onder dekking van mijn makkers. Toiletpapier was er niet en tjebokken ging ook niet zo vlug je liep niet met een botol tjebok op zak, dus moest de uitgang met bladeren en dergelijke gereinigd worden. De broek omlaag en omhoog moest vlug gebeuren omdat we volop in actie waren. Je snapt dat het op de duur niet zo fris meer rook bij mij in de buurt.

zie voor vervolg ons peloton in actie deel 2 B



Achter op de landrover zitten rechts mijzelf en links Pieter vd Berg


foto gemaakt in Teminaboean bij de chinees


onze groep terug uit de bush


Rechts kapper van Diessen met in de stoel Wil van Belkom


De doos van de weduwe




Geplaatst op 29 juli 2010 12:50 en 3379 keer bekeken



Deel dit artikel via:





_
R
eacties van leden


Je reactie
Naam   Gast
Reactie   
  _
Captcha_Beveiligingsvraag

Welk dier is dit?
_





_
Gast  02 jul 2011 17:35
Beste heer Diessen,ik ben een broer van Cor Jongejan en ben dit verhaal bij toeval tegengekomen.Daar wil ik u voor bedanken,nu hoor ik eigenlijk voor het eerst wat Cor meegemaakt heeft.Hij praatte er namelijk nooit over met ons,ik ben 12 jaar jonger dan hem,en ben blij een beetje te weten hoe het daar geweest is,Dus nogmaals bedankt Luc jongejan met vriendelijke groet.

LouisvanDiessen  
02 jul 2011 17:54
Beste heer Luc Jongejan
ik heb nog steeds contact met Cor en zijn vrouw, een paar keer per jaar ontmoeten we elkaar, met veel plezier en respect voor elkaar.
Louis
_