Delen     Populaire blogs     Volgende blog »
Blog maken     Inloggen
_
_
Sorong 1961-1962 Louis van Diessen
Herinneringen aan mijn diensttijd bij de Alpha-compagnie op Sorong.
_
Home__Weblog__Prikbord__Fotoblog__Foto's__Links__Gastenboek__Vrienden__Zoeken__Tip__Login
_

Welkom op mijn Weblog


2014



Mijn Profiel

louisvanDiessen
Ik ben nu offline

• Mijn profiel
• Privé bericht sturen
• Als vriend toevoegen

Toevoegen als weblog vriend






Zoeken in Google
_



Categorieën Overzicht




Laatste Weblog artikelen

Eindelijk gerechtigheid
31 oktober 2017 17:41

Gedicht
31 oktober 2017 07:48

De zielige mannetjes
04 juni 2017 18:15

Hoe een weduwe de Nederlandse ...
29 januari 2017 09:08





Fotoboeken


wat ouder maar ook wijzer ? (40)
_
Fotos van internet (328)
_

Voor artikel (15)
_
Berglandbewoners (68)
_

Baliemvallei en nog meer (33)
_
Vogelkop en zo (18)
_






Weblog Vrienden


Nog geen weblog vrienden toegevoegd.



Gastenboek berichten

Www.sobat-batjoe
12 oktober 2016 14:15
_
Beste Erik, Bericht ook geplaatst bij de Echo en de F- Compagnie. In Sorong waren 3 Compagnie's gelegerd en zal tevens melding maken op de site van www.sobat-Batjoe.nl Hopelijk krijg je bericht van iemand .

Louis van Diessen
12 oktober 2016 07:28
_
Beste Erik Ik heb bij onze sobats geïnformeerd maar niemand kent de naam Sprokkereef. groeten louis

Erik Sprokkereef
10 oktober 2016 21:30
_
Ik ben de zoon van Jan Sprokkereef, mijn vader diende in 1961-1962 in Sorong. Kent iemand mijn vader uit die tijd ? Hij was niet iemand van reunies, daar is hij nooit geweest. Ben benieuwd. Groet, Erik




Watskeburt Op 50plusser.nl

Door corn1948 om 11:04
_
Corn1948 Online

Door Gribou---Greet om 11:03
_
Nieuwe Weblog reactie geplaatst

Door elly01 om 11:02
_
Nieuwe Forum reactie geplaatst

Door MOKUM56 om 11:02
_
Profielgegevens aangepast

Door Charissa46 om 11:00
_
Nieuwe Fotobewerking van de dag geplaatst

Door Gribou---Greet om 10:59
_
Nieuwe Weblog reactie geplaatst

Door Kyra101 om 10:58
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door Jonna om 10:57
_
Nieuwe Fotobewerking van de dag geplaatst





_

Andere artikelen



De gehaktbal


De strip met romneyloodsen

Huub verteld over Kaimana


Ervaringen in Kaimana, door Huub Delgijer verteld aan Louis van Diessen.

Kaimana is de plaats waar ik een deel van mijn jongenstijd heb doorgebracht.

Niet uit mezelf hoor, nee je werd gewoon aangewezen in Roermond, samen met nog een paar geluksvogels.

Delgijer, jij gaat naar Nieuw Guinea, en daar stond je dan, wat en waar het was, wist ik niet, maar daar ben ik later echt wel achter gekomen.

Nou dat was het dus, mijn tangsi was in Kaimana bij de B.cie van kapitein Muller, een hele verandering en het vergde ook wel enige aanpassing , ik als baroe bij de,, ouwe stomp”.

Maar al spoedige was ik ingeburgerd in het soldatengedoe, liep mee met de gang van zaken, was mijn velletje gekleurd en noemde de nieuwkomers ook baroe, s

Het bleek dat de beide pelotons van de compagnie om de beurt ook naar de strip, Utarom, moesten, 15 km verderop, er was helemaal niks te doen, er stonden wat oude roestige romneyhutten ,ook wel nissenhutten genoemd, golfplaten gedrochten, van voor en achter open.

Bij een tropische regenbui was het een oorverdovend lawaai op die golfplaten.

Er was een landingsstrip waar af en toe een DC 3 gebruik van maakte en dat was het dan.

Ook moest er wacht gehouden worden bij de brug over de Ajer Tiba, een behoorlijk brede kali zeker in de natte moessonperiode.

Over die brug konden alleen voertuigen tot 6 ton, dus jeeps en webs, met de webs werd alles aangevoerd .

Het eten op de strip was erbarmelijk slecht, iedereen die hier geweest is zal dat beamen, maar dat hoorde er schijnbaar bij, keiharde kaas en blikvoer.

In een van die romneyloodsen stond het dieselaggregaat wat voor de nodige elektriciteit zorgde.

Je moest zelf maar zorgen voor je ontspanning, je kon er een beetje voetballen, volleyen was ook mogelijk en natuurlijk net als kleine kinderen, gingen we wel eens rotstreken uithalen.

Een van die grappen was als volgt,

Het aggregaat werd bediend door een matroos, Rocks genaamd, die ging iedere morgen het apparaat opstarten en in de avond, klokslag 10 uur, werd het afgezet, het was dan aardedonker.

Nou die marineman Rocks had de eigenaardige gewoonte om met de kreet, hup, hup, hup, op de kebub , met een soort van snoekduik op zijn bed te springen.

Dat vroeg om een geintje, dus toen Rocks naar de aggregaat schuur was om het apparaat af te zetten haalden wij vlug zijn bed weg en zette dat op de strip.

In het donker kwam hij terug ,we zaten af te wachten en jawel hoor, daar klonk de kreet, hup, hup, hup, op de kebub , hij sloeg in het luchtledige met een klap op de grond.

We stikten van het lachen natuurlijk, eigenlijk een stomme streek maar daar stonden we niet bij stil.

Hij was gelukkig niet gewond, althans niet zichtbaar.

Langs de strip was een soort depot waar de vaten kerosine stonden om de vliegtuigen bij te tanken.

Daar moest wacht gehouden worden, en ik was ook wel eens aan de beurt.

Rondom dat depot liep een soort van greppel of diepe sloot, meestal droog maar soms bij hevige regenbuien ook wel eens gevuld met water.

Er lag een smalle loopplank over , om bij de vaten te komen.

Tijdens een van die wachten in het donker, de lichten waren al uit, stuitte ik op een slang, met de kolf van mijn garand probeerde ik dat beest te raken maar ik het donker raakt ik het niet.

Ik belde naar het wachtlokaal en vertelde mijn verhaal aan Hobes, een Limburgse mijnwerker,en vroeg hem om te komen, want die slang zou nog wel ergens zijn.

Niet van harte zei hij om te komen, dat geouwe hoer altijd sputterde hij nog tegen, maar even later hoorde ik hem aankomen lopen.

In het donker moest die Hobes naast de plank gestapt zijn want ik hoorde een schreeuw en een luide plons, er stond toevallig net water in de sloot.

Boos kwam hij naar me toe en zei grommend, dat ik niet zo moest ouwe hoeren over slangen en gewoon mijn wacht vol maken

Het was niet altijd spielerij, regelmatig moest er patrouille gelopen worden en ik verzeker je dat was geen lolletje, het was hier net zoals op andere plaatsen tjot op en tjot af, door de loempoer door kali’s , bijtend en stekend ongedierte, planten die wonden veroorzaakten, en geloof me, we hadden vreten dat was zo vies ,niet normaal meer .

Op een keer was er een baroesergeant bij ons en we waren wat achterop geraakt .

Die sergeant was een echtte , ik ben jullie baas mannetje, stront eigenwijs.

Die gast liep in de verkeerde richting ,luisterde niet naar onze nadrukkelijke aandrang dat we een andere kant op moesten, ook de Papoea die bij ons was werd genegeerd, en we raakten daardoor hopeloos verdwaald.

Gelukkig had ik de pelotonshond bij me die we maar volgden en als door een wonder kwamen we, gelukkig voor het donker, bij de kust terecht, ook mede door de Papoea die duidelijk de sympathie bij ons had liggen.

Daar zaten we dan, aan die kust, niks te zien , geen hutjes , geen tuintjes ,geen enkele aanwijzing of sporen van inwoners .

Hoe moesten we hier nu weg komen?

Besloten werd dat twee jongens, die konden zwemmen, langs de kustlijn naar Kaimana zouden lopen om daar te melden dat we verdwaald waren.

Dat was niet makkelijk want het was een lange tocht en bij hoog tij moesten flinke stukken gezwommen worden. Ik was scherpschutter en had dus een garand en ook de nodige gaspatronen, die schoot ik de dagen erop soms een af ,om de richting aan te geven waar we zaten als de hulp in de buurt was.

We moesten wel alert blijven op ploppers, die konden de schoten ook horen.

Nadat het gewone eten op was hebben we onze noodrantsoenen opgemaakt en verder wat kokosnoten geplukt voor het water, en toch wel smakelijk wild dat we schoten .

Gelukkig hadden we de Papoea bij ons die de geschoten kroonduiven enz., voor ons bakte op zijn manier.

Veel lekkerder als dat vreten dat we de tangsi meekregen.

Meer als een week zaten we daar vast ,toen we na weer een wanhoop schot van mij ,luid geschreeuw hoorden.

Het was een Papoea politiebootje ,dat gebruikt werd voor troepentransport , ik ben nog nooit zo blij geweest.

Dat was gestuurd om ons op het halen en tot onze verrassing was er volop eten en drinken aan boord.

Zelfs een aantal worsten, een soort leverworst waar we flink van schransten.

Dat bootje bracht ons terug naar Utarom ,de sergeant kreeg arrest en werd later gedegradeerd tot korporaal en overgeplaatst naar een andere compagnie van het 6IB.

Ik heb er niet zoveel mee geleden, ik heb wel meer meegemaakt, toen ik nog voer bij de koopvaardij kreeg ik ergens in Afrika een acute blindedarmontsteking en ik vertel je, dat is erg pijnlijk, en die ziekenhuizen in Afrika waren toen niet van alle gemakken voorzien, dus pijn kon ik wel verdragen tijdens die patrouilles.

Maar het slechte eten was altijd erg deprimerend, die vieze goulash uit blik ,aan de reuk had je al genoeg.

Als we op de tangsi waren konden we wel gaan eten bij mamma Java ,maar dat kostte geld en dat had ik niet veel, ook in de kroeg van schele Jan was wel wat te koop maar door voortdurend geldtekort ook redelijk onbetaalbaar .

De patrouilles vanaf de strip liepen leken soms echte martelgangen, ook gezien de rotzooi de we te eten kregen. Na enkele dagen door de bush was je zo vermoeid en hongerig dat je soms onbewust rare dingen gingen doen.

Zo kwamen we een keer terug op de strip na een uitputtende lange patrouille, waarbij we ook vuurcontact gehad hadden met enkele ploppers , barstend van de honger en ik meende te hallucineren, ik kon mijn ogen niet geloven.

Op een tafel stond een hele rij bordjes met op elk bordje een grote gehaktbal.

Het enige wat uit die blikken behoorlijk eetbaar was.

Een soort van sadistische uitdaging voor een hongerige sobat,

Voordat ik het wist had een gehaktbal gepikt en binnen de kortste keren opgegeten, het ging in een flits eigenlijk zonder dat ik er erg in had was die gehaktbal verdwenen.

Niemand had het gezien, het ging zo vlug dat ik er geen plezier van gehad heb

Diefstal zit niet in mijn genen maar dit was een soort van ontoerekenbaarheid, dat kwam waarschijnlijk door het hongerlijden van me.

Even later kwam een van kwaadheid rood aangelopen luitenant schreeuwend vragen wie die gehaktbal gestolen had, die bal bleek voor zijn ordonnans bedoelt te zijn.

Dat was een echte lekkerbek, maar anders geaard dan ik.

Ik geloof dat die luitenant, van Apeldoorn, heette, hij was ook anders geaard dan ik, dat wel.

Ik durfde niks te zeggen tegen die luitenant, en hij was zo kwaad dat hij commandeerde dat ons hele peloton met volle alarmbepakking aan moest treden op de strip.

Als de dader zich niet melde moest het peloton 15 km met volle bepakking naar het tangsi lopen en ook weer terug.

Dat was me te veel en ik deed een stap naar voren en bekende de dief te zijn.

Ik liet mijn maatjes niet boeten voor mijn gestolen gehaktbal.

Nou natuurlijk op rapport bij kapitein Muller en ik kreeg 7 dagen streng arrest, een nogal flinke straf voor dit feit.

Maar diefstal van voedsel was een zwaar misdrijf volgens de kapitein.

Ze sloten me op in het oude MLD gebouw dat langs de strip stond, er werd een bed neergezet met een klamboe erbij en daar zat ik dan, geen water, geen toilet, geen radio ,geen lectuur, geen shag, helemaal niks.

Het stonk er geweldig en de helft stond vol met oude apparatuur, die uit de omloop was.

Drie keer per dag kreeg ik een maaltijd en dan moest ik melden of ik naar de latrine wilde en werd dan met een gewapende wacht begeleid naar de sanitaire inrichting.

Het oude gebouw was al jaren niet meer in gebruik en zat vol met stof, spinnenwebben en overal lagen rattenkeutels.

Als om 10 uur avonds het aggregaat stop werd gezet was het stikdonker in de cel en hoorde je de ratten over de vloer trippelen en overal aan knagen.

Allerlei andere beesten en insecten liepen en vlogen door de cel en gelukkig had ik een klamboe ter bescherming.

Ik was nooit bang, maar nu wel, de gedachten spookten door mijn hoofd dat de ratten aan mij zouden gaan knagen.

Overdag zag ik er een paar en ze waren erg groot en met een staart twee keer zo lang als hun lijf, verschrikkelijke beesten.

Nu wist ik ook waar die rare geur vandaan kwam die in het gebouw hing, dat was de rattenzeik die ik rook.

Nu ik er nog eens over nadenk is het toch een vorm van sadisme om een soldaat dit allemaal aan te doen omdat hij een gehakt bal van het ordonnansje van de luit op gegeten heeft

Maar ik heb het overleefd en kan er nu over vertellen.

Al zal ik het nooit vergeten, het spookt nog regelmatig door mijn hoofd, en geloof me, soms droom ik er van.

Jaren later kwam ik die luitenant tegen tijdens de vierdaagse in mijn woonplaats Nijmegen, ik herkende hem gelijk.

Ik voelde de woede in me opkomen , maar bedwong me en vroeg aan hem of hij me nog kende, maar dat was niet zo, ik heb het maar zo gelaten, het was in mijn ogen een arrogante kwal.

Toen ik eens in Doorn op De Basis was trad er voor ons een toneelgroep, Theater Boven Water op.

Die speelden na wat je vertelde, nou ze speelden mijn verhaal over de gehaktbal zo levensecht na dat iedereen brulde van het lachen.

Nu kan ik er ook om lachen, maar dat ik toen als 20 jarige in die vieze cel tussen de ratten moest slapen zal ik nooit meer vergeten.

Huub Delgijer



De bal


het bed




Geplaatst op 10 maart 2016 09:24 en 818 keer bekeken



Deel dit artikel via:





_
R
eacties van leden


Je reactie
Naam   Gast
Reactie   
  _
Captcha_Beveiligingsvraag

Welk dier is dit?
_





_
Gast  20 mrt 2016 23:39
Geweldig verhaal Huub.
Nooit eerder gehoord bij ploeg 6 van de centrale in Nijmegen
Het feest vandaag was geweldig.
Nogmaals gefeliciteerd samen en nog vele fijne jaren.
Groet,
Henk Buiteman